Home

Reacties van Lijst Blanco op moties en amendement in de raadsvergadering van 18 mei 2017

Allereerst: wij zijn van mening dat dit amendement geen werkelijke grens stelt en daarmee niet wezenlijk afwijkt van hetgeen wat reeds voorligt. Er wordt een maximum van 60 minuten voorgesteld, maar deze 60 minuten mogen overschreden worden wanneer de 'dit door de ligging van de school redelijkerwijs niet haalbaar is'. Dit criterium is voer voor discussie. Wanneer is iets 'redelijkerwijs niet haalbaar'. Is dit wanneer men het via de kortste route niet kan halen, of wanneer men het via de zuinigste, dus duurzaamste weg niet kan halen. Wanneer er sprake is van drukte op een bepaald traject tijdens de aanvangs- en sluitingstijd van de school, is het dan 'redelijkerwijs niet haalbaar'? Wanneer een project tot aanpassing van een bepaalde weg begint, en men daardoor genoodzaakt is om te rijden, zijn dan de 60 minuten 'redelijkerwijs niet haalbaar'? Het roept kortom vele vragen op, wanneer we een dergelijke passage in de verordening opnemen.

 

Met betrekking tot de discussie of we 90 dan wel 60 minuten zouden moeten hanteren willen wij nog het volgende kwijt. Het zo dat in Schijndel en Veghel de maximale reisduur van 90 minuten gold, en daar zijn op dit moment geen klachten over de reistijd bekend. Het wat ons betreft daarom niet nodig om nu deze 60 minuten te gaan hanteren, wanneer vanuit de voorgaande gemeentes bleek dat dit geen problemen oplevert.

 

Al met al zullen wij aldus tegen de voorgestelde wijzigingen stemmen.

 

*4 uur voor de vergadering wordt het amendement gewijzigd. Nu is het criterium niet meer: wanneer de 'afstand naar de school nooit binnen 60 minuten te halen is' maar 'tenzij dit door de ligging van de school redelijkerwijs niet haalbaar is; in dat geval geldt een maximale reistijd van 90 minuten.'

 

Om te beginnen, het is een goede zaak dat er vanuit de gemeenschap een platform leerlingenvervoer ontstaat en dat ons college dit platform ook serieus neemt en hen betrekt bij het vormen van beleid.  Wel is het zo, dat het op dit moment onbekend is hoe de statuten van dit platform luiden, hoe leden van het platform worden voorgedragen en benoemd en hoe zij worden gecontroleerd. Daarom is het wat ons betreft niet goed om op dit moment aan deze groep van 9 personen, waarvan er 5 afkomstig zijn uit Sint-Oedenrode en 2 uit Veghel en 2 uit Schijndel, een dergelijke bindende bevoegdheid toe te kennen. Dat het platform ongevraagd en gevraagd advies uitbrengt, is goed voor de gemeente, maar, nogmaals, een bindende bevoegdheid gaat ons op dit moment te ver.

 

Allereerst: in de overwegingen bij dit amendement wordt gesteld dat  'pleegouders weliswaar een vergoeding ontvangen, maar dat deze de 'extra kosten' niet dekt.' Kan de indiener toelichten welke 'extra kosten' het zijn die niet gedekt kunnen worden door pleegouders en kan hij aangeven hoeveel zij dan over het algemeen tekort komen?

 

Vervolgens met betrekking tot de voorgestelde wijzigingen: het vrijstellen van pleegouders van het betalen van een eigen bijdrage op basis van financiële draagkracht en het vrijstellen van het betalen van het drempelbedrag zijn wat ons betreft geen juiste maatregelen.

 

Om te beginnen met de eigen bijdrage: De eigen bijdrage wordt bepaald op basis van het inkomen van de ouders, of pleegouders in dit geval, en geldt enkel wanneer het kind verder dan 20 kilometer vervoerd moet worden. Ook wordt deze per gezin en niet per kind of pleegkind berekend. Verder is het zo dat deze bijdrage niet verschuldigd is in het geval van kinderen die wegens hun structurele lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke of psychische handicap op ander vervoer dan openbaar vervoer zijn aangewezen, dan wel vanwege een zodanige handicap niet zelfstandig van openbaar vervoer gebruik kunnen maken.
Wanneer vervolgens in een pleeggezin meer dan 32500 euro per jaar verdiend wordt en in dat gezin ten behoeve van het pleegkind een toeslag wordt ontvangen die
niet als inkomen geteld wordt ter grootte van  543 dan wel 549 euro, en dat kind niet aan een structurele handicap als eerder vernoemd lijdt, is het wat ons betreft niet onredelijk dat deze pleegouders, net als biologische ouders, 130 euro eigen bijdrage af moeten staan wanneer het kind verder dan 20 kilometer vervoerd wordt. Ter vergelijking, de kinderbijslag voor kinderen in dezelfde leeftijdscategorie is 198,38 dan wel 240,89 per kwartaal.
Het is overigens wel nieuw om vanuit de PvdA te horen dat men in dit geval het principe van financiële draagkracht wil verlaten.

 

Met betrekking tot het drempelbedrag gaat eenzelfde vlieger op. Heffen we dit, dan moeten we het van zowel biologische ouders als pleegouders heffen en hier geen onderscheid in maken. Wat ons betreft is het namelijk redelijk dat, wanneer we van een 'regulier' gezin vanaf 25.200 een eigen bijdrage verlangen, we dit ook van een pleeggezin doen, te meer vanwege het feit dat er ook geen drempelbedrag mag worden gevraagd, wanneer een kind of pleegkind door zijn structurele handicap in het geheel niet, of niet zelfstandig van het openbaar vervoer gebruik kan maken.
 

Verder merken wij ook dat er een tekort aan pleegouders is, maar wat ons betreft is de Verordening Leerlingenvervoer niet het juiste middel om dat tekort echt aan te pakken. Het afschaffen van deze bijdrages zal volgens ons namelijk niet wezenlijk het tekort aan pleegouders verminderen – we kunnen ons niet voorstellen dat het betalen van deze twee bedragen voor mensen de keuze om wel of niet pleegouder te worden fundamenteel beïnvloedt - maar het creëert wel een ongelijke situatie tussen biologische ouders en pleegouders.

 

Vanwege het voornoemde zijn wij tegen de voorstellen in het amendement.

 

Voorzitter, bij de behandeling van dit amendement ga ik uit van het voorstel zoals het vanmiddag om half twee is rondgestuurd. Mijn eerdere voorbereiding van vanochtend is daardoor echter volledig achterhaald geworden, maar over de huidige versie kunnen we kort zijn:

Omdat het zo is dat we duidelijk kunnen voorzien dat er kinderen zijn die zullen blijven zitten of om een andere reden tot later dan hun twaalfde levensjaar primair onderwijs zullen volgen, en het dus geen incidenten betreft, moeten we hiervoor een regeling treffen IN de verordening en deze situatie niet onder een hardheidsclausule plaatsen, aangezien die enkel voor incidentele zaken bedoeld is.

Verder heeft het amendement zoals het nu voorligt, wat ons betreft de juiste wijzigingen in de verwoordingen ondergaan ten opzichte van de eerder voorgelegde versie, waardoor deze nu, volgens ons volledig kloppend is.

Als gevolg zullen wij het amendement steunen.

 

Lijst Blanco zet vraagtekens bij het nut en noodzaak van deze motie. In de constateringen is waar te nemen dat de indieners van mening zijn dat het op dit moment goed gesteld is met het taalniveau van de stukken die vanuit het college komen, omdat 'raadsnotities over het algemeen duidelijk zijn' en 'ook verordeningen goed leesbaar zijn'.

Het lijkt alsof enkel de 'Verordening Leerlingenvervoer' de aanleiding is voor het indienen van deze motie, die vervolgens wel betrekking heeft op alle stukken die later vanuit het college opgesteld kunnen worden.

Het is daarom niet handig dat het taalniveau van de 'Verordening Leerlingenvervoer' door de indieners niet mede bekend wordt gemaakt, want mocht deze onverhoopt het niveau C1 hebben, dan roept deze motie op om alle verordeningen die in de toekomst opgesteld worden, een te ingewikkeld niveau aan te meten, volgens dezelfde indieners.

Ook schrijft de motie voor dat het college in samenwerking met de gemeenteraad uitgangspunten en beleid zou moeten vormen, maar na alle complimentjes, in de constateringen, aan het college voor het taalgebruik in de stukken tot nu toe lijkt dit ons een onnodige tijdsinvestering.